Samenvatting

Utrecht blijft groeien. De coronapandemie heeft sinds maart 2020 een grote invloed op de bevolkingsontwikkeling: meer mensen overleden en minder mensen migreerden. In 2020 vertrokken ook meer Utrechters naar de regio of elders in het land. We weten niet of dit toegenomen vertrek een gevolg is van corona. Door al deze ontwikkelingen groeide de bevolking in 2020 minder snel dan in de jaren ervoor. Vanwege de voortdurende coronapandemie is onzeker hoe sterk de stad in de eerstkomende jaren zal groeien.

 Kerncijfers

 20172018201920202021
aantal inwoners op 1 januari343.134347.574352.941357.719359.355
a. aantal geborenen4.7874.8174.7154.781-
b. aantal overledenen1.9231.8381.9212.064-
c. geboorteoverschot (a-b)2.8642.9792.7942.717-
d. vestigers uit andere gemeente21.59322.48022.07022.157-
e. vertrekkers naar andere gemeente23.09222.45122.98224.310-
f. binnenlands vestigingsoverschot (d-e)-1.49929-912-2.153-
g. vestigers uit ander land7.4287.2908.3126.512-
h. vertrekkers naar ander land3.9634.6385.1225.088-
i. buitenlands vestigingsoverschot (g-h)3.4652.6523.1901.424-
j. saldo administratieve correcties-390-293-294-352-
jaarlijkse groei (c+f+i+j)4.4405.3674.7781.636-

Bron: BRP, gemeente Utrecht; bewerking afdeling Onderzoek & Advies.

Utrecht blijft groeien: nu bijna 359.500 inwoners

Op 1 januari 2021 had Utrecht 359.355 inwoners. Utrecht groeide in 2020 met 1.636 inwoners. Dit is een lagere groei dan in de jaren ervoor. In 2019 groeide de stad nog met bijna 4.800 en in 2018 met meer dan 5.300 inwoners. De voornaamste oorzaken voor de lagere groei zijn een verminderde immigratie vanuit het buitenland en een toegenomen vertrek naar elders in Nederland.

In onderstaande figuur is voor elke maand de bevolkingsontwikkeling van de stad vanaf januari 2020 afgezet tegen het maandgemiddelde van de drie jaren ervoor. Naast de totale bevolkingsgroei per maand is dit voor elk onderdeel van de groei afzonderlijk in beeld gebracht. Er is duidelijk een verminderde groei van de bevolking tijdens en kort na de eerste en tweede golf van de coronapandemie te zien. Deze ontwikkeling loopt voor een groot deel samen met een verminderde vestiging vanuit het buitenland in die maanden. Er is over heel het jaar heen ook een verhoogd vertrek van Utrechters naar andere gemeenten in het land te zien. Het is onzeker of dit hogere vertrek een relatie heeft met de coronacrisis.

Conform het landelijke beeld was er tijdens de eerste en tweede golf ook een piek in het aantal overleden inwoners in Utrecht. In de periode tussen de eerste en tweede golf (mei tot en met september 2020) lag het sterftecijfer niet hoger dan in voorgaande jaren. In 2020 zijn er in totaal 2.064 inwoners van Utrecht overleden. Uit cijfers van het RIVM blijkt dat er hiervan 187 aan het coronavirus zijn overleden (zie hoofdstuk Coronavirus). Het totale sterftecijfer van Utrecht in 2020 kent een toename van 143 overledenen ten opzichte van 2019. De omvang van dit verschil is aanzienlijk minder dan de afname van het aantal migranten (-1.800) en de toename van het aantal vertrekkers naar elders in het land (+1.300). In de meest recente maandcijfers is nog geen effect van de coronacrisis op het aantal geboortes te zien.

Alle grote steden groeien minder hard dan vóór corona

Sinds de bouw van Leidsche Rijn groeit Utrecht uitzonderlijk hard. Utrecht groeide afgelopen decennium het hardst van de G4-steden (in verhouding tot de bevolkingsomvang). Alle grote steden in Nederland kenden in 2020 een verminderde bevolkingsgroei vanwege de coronapandemie. Utrecht bleef met een groei van 0,5% nog wel boven het landelijk groeipercentage van 0,4%. Dit geldt niet voor de andere G4-steden. In Amsterdam viel de bevolkingsgroei in 2020 nagenoeg stil.

Almere is sinds 2016 de snelste groeier van de grote steden in Nederland. Het effect van de coronapandemie op de bevolkingsgroei is in Almere ook geringer dan bij andere steden: in 2020 groeide Almere door met 1,4%. Veel kleinere gemeenten, met name in de Randstad, zagen hun bevolkingsgroei niet of amper teruglopen tijdens de coronacrisis. In de provincie Utrecht bleven Renswoude, Woudenberg en Vijfheerenlanden in 2020 doorgroeien met 2%. 

Utrecht zal blijven doorgroeien

Utrecht ontving in 2018 de 350.000ste inwoner. Volgens de gemeentelijke bevolkingsprognose uit 2020 passeert Utrecht in 2027 de grens van 400.000 inwoners en zal de stad in 2040 meer dan 450.000 inwoners hebben. Vanwege de voortdurende coronapandemie is de groei van de stad in de eerstkomende jaren onzeker.

De bevolkingsprognose wordt ieder jaar bijgesteld op basis van de meest actuele informatie die op dat moment beschikbaar is. In de gemeentelijke prognose van vorig jaar is wel voorzien in een lagere bevolkingsgroei in 2020, maar niet voor de jaren erna. Zo is het onbekend wanneer de immigratie vanuit het buitenland weer zal aantrekken. Bovendien kan vertraging in de oplevering van geplande woningbouwprojecten zorgen voor een vertraagde groei van de bevolking. Er is echter op dit moment nog geen indicatie dat de woningbouwproductie voor de komende jaren in Utrecht als gevolg van corona lager zal worden.

Het CBS verwacht in hun laatste bevolkingsprognose dat Nederland vanwege de coronapandemie ook in 2021 een lagere groei zal meemaken. In de jaren 2022 en 2023 groeien de landelijke prognosecijfers snel weer naar het oude niveau. Voor Utrecht zou dit kunnen betekenen dat de grens van 400.000 inwoners een jaar later wordt bereikt, maar dat de coronapandemie slechts weinig invloed zal hebben voor de bevolkingsgroei op de langere termijn. Het effect van de coronapandemie laat zich echter moeilijk voorspellen.

Veel meer geboortes dan sterftegevallen

De bevolkingsgroei van een stad is opgebouwd uit een geboorteoverschot (verschil tussen geboorte en sterfte) en een vestigingsoverschot (verschil tussen vestiging en vertrek). Utrecht groeit doordat er meer kinderen geboren worden dan er inwoners overlijden. Vorig jaar zijn in de stad ongeveer 4.800 baby’s geboren en 2.100 inwoners overleden. Utrecht heeft daarmee een geboorteoverschot van 2.700 personen. Deze zogenoemde natuurlijke aanwas ligt daarmee op ongeveer hetzelfde niveau als in 2019.

De grote natuurlijke aanwas hangt samen met de samenstelling van de bevolking: in Utrecht wonen veel jonge inwoners en relatief weinig ouderen (zie hoofdstuk Samenstelling naar groepen). Uit cijfers van het CBS blijkt dat Utrecht de grootste natuurlijke aanwas per 1.000 inwoners heeft van alle steden in Nederland. In 2019 hadden alleen de kleinere gemeenten Urk, Renswoude en Staphorst een hoger relatief geboorteoverschot, en dit is in coronajaar 2020 niet veranderd.

Voor het eerst deze eeuw meer uitstroom dan instroom

In 2020 zien we voor het eerst in deze eeuw een vertrekoverschot: de stroom die de stad uitgaat was groter dan de stroom die er inkomt. Vorig jaar vertrokken 29.400 Utrechters uit de stad en vestigden 28.700 mensen zich in de stad. Utrecht had daarmee een vertrekoverschot van 700 personen. De sterke groei van Utrecht sinds 2001 was jaarlijks opgebouwd uit een groot geboorteoverschot én een groot vestigingsoverschot. In 2020 bleef het geboorteoverschot stabiel, maar was er voor het eerst een vertrekoverschot.

Immigratie sterk afgenomen

De buitenlandse migratie was heel lang een belangrijke motor achter de bevolkingsgroei van Utrecht, hoewel aanzienlijk minder dan bij de andere G4-steden. Na de invoering van de coronamaatregelen is de immigratie in Nederland sterk afgenomen. In 2019 vestigden zich nog 8.300 mensen vanuit het buitenland in Utrecht, dit aantal liep in 2020 terug tot 6.500. De top vijf van landen waar zij vandaan komen wordt gevormd door Duitsland, Groot-Brittannië, Spanje, Italië en de Verenigde Staten. India stond de vorige drie jaren bovenaan, maar komt nu op plaats 6. Door de coronamaatregelen is de immigratie vanuit India naar Utrecht meer dan gehalveerd. Uit landelijke cijfers van het CBS blijkt dat de impact van de pandemie sterker is voor migratie vanuit Afrika, Azië en Amerika dan voor migratie vanuit Europese landen.

Veel vestiging en vertrek bij twintigers

De verminderde immigratie (afname van 1.800) is een belangrijke oorzaak van de verminderde groei van de bevolking in 2020. Een andere oorzaak is het toegenomen vertrek van Utrechters naar de regio of elders in het land. In 2019 was ook al sprake van een toename van binnenlands vertrek, maar die toename is in het afgelopen jaar versterkt. In 2018 en 2019 vertrokken respectievelijk 22.500 en 23.000 Utrechters naar een andere gemeente in Nederland. Vorig jaar liep dat aantal op tot 24.300 (toename van 1.300 ten opzichte van 2019). 

De meerderheid van de Utrechters die de stad verlaten is twintiger of jonge dertiger. Amsterdam is met afstand de populairste bestemming: bijna 2.300 Utrechters zijn in 2020 naar de hoofdstad verhuisd. Daarna volgen de regiogemeenten Nieuwegein, Zeist, Stichtse Vecht en De Bilt, die vorig jaar elk tussen de 1.100 en 1.400 mensen uit Utrecht ontvingen. Deze gemeenten vormden ook in 2019 de top 5 van bestemmingen.

Het aantal mensen dat vanuit een andere gemeente in Nederland naar Utrecht verhuist ligt al jarenlang rond de 22.000, en dat was in coronajaar 2020 niet anders. Driekwart van deze vestigers is in de leeftijd van 18-34 jaar. Jonge vestigers zijn vooral studenten en starters op de arbeidsmarkt. Net als in andere studentensteden liep het aantal jonge vestigers sinds 2015 terug. In dat jaar is het sociaal leenstelsel ingevoerd, waardoor minder studenten op kamers gaan wonen. Voor de hoogte van de studiefinanciering maakt het niet meer uit of studenten ingeschreven staan bij de ouder(s) of uitwonend zijn. Na een gestage daling is het aantal jonge vestigers vorig jaar flink gestegen. In 2014 had Utrecht 10.600 binnenlandse vestigers van 18-24 jaar. In 2019 was dit teruggelopen tot 7.400 en in 2020 steeg dit weer naar 8.600. Mogelijk heeft de recente campagne in Utrecht om ‘spookstudenten’ zich te laten inschrijven bij de gemeente, bijgedragen aan deze toename. Spookstudenten zijn studenten die wel in de gemeente wonen, maar er niet staan ingeschreven.

Het aantal verhuizingen binnen de gemeente Utrecht is eveneens gestegen, van 29.200 in 2019 naar 30.400 in 2020. Ook landelijk gezien gaat de afname van het aantal immigranten in 2020 samen met een toename van het aantal verhuizingen tussen én binnen gemeenten in Nederland.

De jonge bevolking van Utrecht met veel studenten en starters maakt dat Utrechters relatief vaak verhuizen. In 2020 zijn bijna 60.000 Utrechters verhuisd, dat is een op de zes inwoners. Daarvan is de helft binnen de stad verhuisd (51%) en de andere helft naar een andere gemeente in Nederland (41%) of naar het buitenland (8%). 

Tot 2040: alle leeftijdsgroepen groeien, 65+ het sterkst

Volgens de gemeentelijke bevolkingsprognose uit 2020 groeit het inwonertal van Utrecht tot 2040 met 27%. In alle leeftijdsgroepen is een toename te zien. Utrecht is en blijft een relatief jonge stad. De procentueel sterkste groei zal echter plaatsvinden in de groep 65-plussers: van 38.000 in 2021 naar bijna 61.000 in 2040 (+60%). Deze flinke toename komt door het ouder worden van de mensen die al in Utrecht wonen. Van de mensen die zich in Utrecht vestigen is slechts een zeer gering deel ouder dan 65 jaar. Ondanks de hogere sterfte onder ouderen vanwege het coronavirus is het aantal 65-plussers ook in 2020 gestegen.

Tot 2040: alle wijken groeien, Zuidwest en Leidsche Rijn worden de grootste

Alle tien Utrechtse wijken zullen in de periode tot 2040 groeien. Een groot deel van de bevolkingsgroei van de stad wordt opgevangen in Zuidwest en Leidsche Rijn. Zuidwest krijgt er naar verwachting tot 2040 circa 22.500 inwoners bij (+58%). Deze groei vindt voor een groot deel plaats in de Merwedekanaalzone. Leidsche Rijn blijft sterk doorgroeien, tot 2040 met 19.000 inwoners (+43%). Beide wijken huisvesten daarmee over 20 jaar elk meer dan 61.000 inwoners. De relatief grootste toename vindt overigens plaats in de kleinste wijk: het aantal inwoners in de Binnenstad groeit tot 2040 met 77%, onder meer in het Beurskwartier.

Sterke toename bevolkingsdichtheid

Met de groei van de bevolking neemt ook de bevolkingsdichtheid in de stad toe. Tussen 2001 en 2020 is de bevolkingsdichtheid van Utrecht toegenomen van ongeveer 2.600 naar 3.600 inwoners per km2. De verdichting vond het sterkst plaats in de wijk Leidsche Rijn en subwijk Veldhuizen/Vleuterweide. Utrecht kiest in de Ruimtelijke Strategie Utrecht (RSU) uit 2016 voor een verdere groei van de bevolking door vooral in te zetten op inbreiding, het benutten van nieuwe woningbouwlocaties op plekken binnen de stad. In de geactualiseerde RSU2040 wordt deze koers voortgezet. Het groene raamwerk, de 10-minutenstad en knooppuntontwikkeling staan hierin centraal. Het Beurskwartier en de Merwedekanaalzone zijn aangewezen als belangrijke ontwikkelgebieden, maar ook Leidsche Rijn Centrum blijft een grote groeilocatie. Het aantal inwoners per km2 zal in deze gebieden flink toenemen. De gemiddelde bevolkingsdichtheid van de stad zal naar verwachting in 20 jaar tijd doorgroeien van 3.600 naar 4.600 inwoners per km2, een toename van 1.000 inwoners per km2.

 Overige kerncijfers

 20172018201920202021
aantal inwoners op 1 januari343.134347.574352.941357.719359.355
geboorte per 1.000 vrouwen van 15-44 jaar51,951,950,150,2-
overleden per 1.000 inwoners5,65,35,45,8-
vertrek naar andere gemeente per 1.000 inwoners67,364,665,168,0-
vertrek naar ander land per 1.000 inwoners11,513,314,514,2-
binnenlandse vestigers 18-24 jaar8.0948.2257.4188.550-
verhuizingen binnen Utrecht33.832*29.18129.18330.411-
verhuizingen binnen Utrecht per 1.000 inwoners98,6*84,082,785,0-
aantal inwoners per km²3.4593.5043.5583.6063.622
gemiddeld aantal inwoners per woning2,42,42,42,42,3

Bron: BRP, gemeente Utrecht; bewerking afdeling Onderzoek & Advies. Relatieve cijfers over het jaar zijn afgezet tegen het inwonertal op 1 januari van dat jaar.   * Overschatting vanwege administratieve wijzigingen.