Image

Primair onderwijs

Samenvatting

Het aantal Utrechtse leerlingen in het primair onderwijs neemt sinds 2018 langzaam af. Het lerarentekort daalt. Ruim twee derde van de kinderen gaat graag naar school en vier op de vijf ouders is tevreden over het basisonderwijs in de buurt. De onderwijssegregatie in schooljaar 2024/2025 is lager dan in 2020/2021.

In het kort

Kerncijfers
  2015/2016 2019/2020 2021/2022 2023/2024 2024/2025 2025/2026
aantal Utrechtse leerlingen in primair onderwijs 30.362 30.075 30.515 30.219 30.146 29.929
waarvan basisonderwijs (bo) 29.017 29.551 28.924 28.589 28.550 28.313
waarvan speciaal basisonderwijs (sbo) 603 636 597 549 490 488
waarvan speciaal onderwijs (so) 502 555 619 703 708 701
waarvan voortgezet speciaal onderwijs (vso) 340 333 375 378 398 427
aantal voltijdsbanen voor leraren (fte) in Utrechts basisonderwijs* 1.602 1.681 1.687 1.654 1.630 -
% leerlingen met referentieniveau 1F of hoger voor taalvaardigheid** - - 98 96 97 -
% leerlingen met referentieniveau 1F of hoger voor leesvaardigheid** - - 98 100 99 -
% leerlingen met referentieniveau 1F of hoger voor rekenvaardigheid** - - 94 94 95 -
% leerlingen dat (heel) vaak graag naar school gaat*** 71 69 66 63 - 66
% ouders dat (zeer) tevreden is met het basisonderwijs in de buurt**** 77 79 75 81 - 81
Bron: DUO (aantallen leerlingen); Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap - functiemix; Jeugdmonitor Utrecht; Inwonersenquête, gemeente Utrecht.
In 2024 is geen gemeentelijke Inwonersenquête afgenomen. Deze enquête houden we elke twee jaar. In 2026 zijn nieuwe cijfers over 2025 beschikbaar.
* Betreft onderwijzend personeel, exclusief managers, onderwijsondersteuners en leraren in opleiding, uitgedrukt in fulltime arbeidsplaatsen (fte’s). Dit is niet gelijk aan het totaal aantal leraren.
** Betreft het aantal leerlingen zonder ontheffing voor de eindtoets, met een hoofdinschrijving in het basisonderwijs of speciaal basisonderwijs. 1F is het fundamentele niveau voor taal-, lees- en/of rekenvaardigheid dat zo veel mogelijk leerlingen aan het eind van de basisschool moeten beheersen. 
*** De tevredenheid wordt gemeten o.b.v. het aantal leerlingen in groep 7 & 8 dat een oordeel geeft (nooit, soms, vaak, heel vaak).
**** De tevredenheid wordt gemeten o.b.v. het aantal inwoners met kinderen tot 18 jaar dat een oordeel geeft (tevreden, ontevreden, neutraal). 

Aantal Utrechtse leerlingen in het primair onderwijs neemt langzaam af

Binnen het primair onderwijs gaan 29.929 Utrechtse leerlingen in Utrecht naar school (2025/2026). Dat aantal neemt licht af sinds schooljaar 2018/2019 (31.137 Utrechtse leerlingen). In zeven jaar tijd gaan er 4% minder Utrechtse leerlingen naar het primair onderwijs. Het aantal voltijdsbanen voor leraren in het basisonderwijs was in 2024 (1.630 fte) 3% lager dan dat in 2018 (1.680 fte). De omvang van het aantal leerlingen volgt de demografische ontwikkeling in de stad. In 2015 piekte het aantal 4-jarige Utrechters. Op deze leeftijd starten kinderen doorgaans in het primair onderwijs. Vanaf 2025 zien we voor het eerst in tien jaar weer een stijging van het aantal 4-jarige Utrechters. De verwachting is dan ook dat de leerlingaantallen in het primair onderwijs weer zullen stijgen vanaf 2029/2030. Informatie over onderwijshuisvesting en de prognose van leerlingaantallen is te vinden op de pagina onderwijsbeleid van de gemeente Utrecht. 

Infogram URL

Twee derde van de kinderen gaat graag naar school

In 2025 ging 66% van de Utrechtse kinderen in groep 7 en 8 graag naar de basisschool (66%). Dat is een afname ten opzichte van 2015 (71%). Landelijk is sinds 2013 sprake van een dalende trend in de schoolwaardering. Schoolwaardering neemt af naarmate leerlingen ouder zijn. Van de ouders is 81% (zeer) tevreden over het basisonderwijs in de buurt.

Vrijwel alle kinderen in groep 8 scoren voldoende op taal-, lees- en rekenvaardigheid

Van alle Utrechtse kinderen in groep 8 heeft 97% het 1F-niveau voor taalvaardigheid behaald. Dat is vergelijkbaar met voorgaande jaren en ook gelijk aan het landelijk gemiddelde (97%). 1F is het fundamentele niveau voor taal-, lees- en/of rekenvaardigheid dat zo veel mogelijk leerlingen aan het eind van de basisschool moeten beheersen. Voor leesvaardigheid heeft 99% van de kinderen niveau 1F behaald. Ook gemiddeld in Nederland is dit percentage hoog (99%). Het aandeel Utrechtse kinderen dat in groep 8 het 1F-niveau voor rekenvaardigheid behaald (95%) ligt lager dan dat voor taal- en leesvaardigheid maar wel iets hoger dan het landelijk gemiddelde voor rekenvaardigheid (93%). In Binnenstad behalen vrijwel alle kinderen het fundamentele niveau voor taal, lezen én rekenen in groep 8. In Noordwest is het aandeel kinderen met niveau 1F voor taalvaardigheid (94%), leesvaardigheid (97%) en rekenvaardigheid (85%) het laagst, gevolgd door Overvecht en Zuidwest. 

Infogram URL

Dalend lerarentekort maar grote verschillen tussen wijken

Onderzoek in opdracht van het ministerie van OCW laat zien dat ook het lerarentekort in Utrecht daalt. Het lerarentekort is berekend als percentage van de totale werkgelegenheid (aantal voltijdsbanen). In 2022 was er een tekort van 10%, in 2025 is het tekort gedaald naar 6,8%. Het lerarentekort in Utrecht komt daarmee in de buurt van het landelijk gemiddelde (6,3%). Wel zien we grote verschillen per wijk. In Binnenstad is het lerarentekort het laagst (1,7%), gevolgd door Zuid (2,3%) en West (2,7%). Het lerarentekort is het grootst in de wijken Overvecht (17,3%), Noordwest (10,3%) en Zuidwest (7,9%). Daarnaast beoordeelde de Onderwijsinspectie in 2025 drie Utrechtse basisscholen als onvoldoende en een als zeer zwak. Van deze vier scholen liggen er drie in de wijk Noordwest. In totaal staan er 11 basisscholen in Noordwest. Niet elke school krijgt elk jaar een inspectieoordeel. Van de 105 basisscholen in Utrecht hebben er 66 ‘geen eindoordeel’. 

Infogram URL

In Noordwest ongelijke verdeling van groepen kinderen over zwakke en sterke scholen op basis van huishoudinkomen

Voor de Segregatiemonitor basisonderwijs is onderzocht in welke mate kinderen op basis van verschillende achtergrondkenmerken naar verschillende basisscholen gaan. Dat noemen we onderwijssegregatie. De onderwijssegregatie in schooljaar 2024/2025 is lager dan in 2020/2021. We zien in Utrecht een daling sinds 2017. Toch gaan in sommige wijken groepen kinderen naar verschillende basisscholen op basis van het inkomen, de opleiding of herkomst van hun ouders. In de wijk Zuidwest is de onderwijssegregatie het hoogst. Ook in Overvecht en Noordwest zien we een hogere onderwijssegregatie naar inkomen dan in andere wijken (behalve Zuidwest). Dit betekent dat groepen kinderen vaker naar verschillende basisscholen gaan op basis van het inkomen van hun ouders. In Zuidwest, Overvecht en Noordwest zien we ook een hoger lerarentekort en een lagere score op taal-, lees- en rekenvaardigheid dan in andere wijken. In Noordwest hebben 3 van de 11 basisscholen een negatief inspectieoordeel in 2025. Onderwijssegregatie zelf zorgt niet per se voor slechtere leerprestaties. Opgroeien in armoede heeft wel invloed op de prestaties van deze kinderen op school. Onderwijssegregatie kan zorgen voor een ongelijke verdeling van groepen kinderen over zwakke en sterke scholen in een wijk. Dit zien wij in Noordwest voor groepen kinderen op basis van het huishoudinkomen.