Image
Griftpark

Fysieke leefomgeving

Wonen

Begin 2022 telt de gemeente Utrecht 162.450 woningen. In 2021 zijn 3.020 woningen toegevoegd aan de Utrechtse woningvoorraad door nieuwbouw, verbouw en woningsplitsing. Daarnaast zijn 274 woningen onttrokken aan de voorraad door sloop, verbouw en samenvoeging. De netto toename van het aantal woningen is in 2021 kleiner dan in 2020 (-7%).

Begin 2022 bestaat de woningvoorraad voor 45% uit koopwoningen, voor 30% uit bezit van woningcorporaties en voor 23% uit woningen in de particuliere verhuur. Het aandeel koopwoningen daalde in 2019 en 2020 in totaal van 47% naar 45%. Tegelijkertijd nam het aandeel particuliere huurwoningen in die periode toe van 20% naar 23%. In 2021 bleef het aandeel koop en particuliere verhuur vrijwel constant. Dit sluit aan op cijfers over kooptransacties naar type koper. Starters op de woningmarkt kopen meer, particuliere investeerders minder. Genomen maatregelen op de woningmarkt lijken te werken.

De gemiddelde verkoopprijs van een koopwoning in Utrecht steeg sterk het afgelopen jaar, van € 406.000 in 2020 naar € 470.000 in 2021. Procentueel is de stijging hoger dan gemiddeld in Nederland en het hoogst van de G4-gemeenten. Koopstarters betaalden in 2021 gemiddeld € 411.000 voor een woning, terwijl doorstromers een woning kochten voor gemiddeld € 578.000. De huurprijzen in de particuliere sector zijn in 2021 verder gestegen, maar minder hard dan de verkoopprijzen in de koopsector.

In 2021 waren de meeste Utrechters positief over hun woning en hun woonomgeving. Gemiddeld krijgt de woning een rapportcijfer 7,5 en de woonomgeving (‘algemeen buurtoordeel’) een rapportcijfer 7,3. Huurders zijn over het algemeen minder tevreden over hun woning en woonomgeving dan huiseigenaren. Huurders van corporaties zijn het minst tevreden over hun woning en woonomgeving.

Openbare ruimte & groen

Circa zeven op de tien leden van het Utrechtse Bewonerspanel is sinds de coronamaatregelen het groen in de woonomgeving meer gaan waarderen. Deze grotere waardering zagen we ook nog begin 2022. Al langere tijd ligt de tevredenheid over groen in de buurt in wijken met veel groen gemiddeld hoger dan in wijken met minder groen. Per huishouden is in Utrecht gemiddeld 67 vierkante meter openbaar groen aanwezig. De verschillen tussen de wijken zijn groot. Voor inwoners van Vleuten-De Meern, Leidsche Rijn en Overvecht is er meer dan 100 vierkante meter openbaar groen per huishouden, terwijl de Binnenstad niet verder komt dan 11 vierkante meter per huishouden.

De waardering van Utrechters voor de netheid van de openbare ruimte bleef in 2021 nagenoeg op hetzelfde niveau als bij de laatste meting twee jaar eerder (score: 6,6). Wel geven inwoners in 2021 iets vaker aan last te hebben van rommel en afval op straat in de buurt (36% ten opzichte van 34% in 2019). Het aantal inwoners dat tevreden is over het groen in de buurt stijgt eveneens licht (2021: 68% en 2019: 66%). Driekwart van de bewoners geeft aan tevreden te zijn over parken in de buurt.

Milieu & duurzaamheid

Het totale energiegebruik daalde in 2020 met 0,4% ten opzichte van een jaar eerder. Het particuliere gebruik van gas en elektriciteit steeg wel, met respectievelijk 4% en 3%. Waarschijnlijk mede als gevolg van het thuiswerken in verband met de coronamaatregelen. Het zakelijke gasverbruik daalde sterk met 12% en het zakelijk elektriciteitsgebruik steeg met 0,5%. De totale CO2-emissie nam in Utrecht in 2020 met 11% af.

Volgens de meest recente gegevens (2020) waren gemiddelde concentraties stikstofdioxide, fijnstof, zeer fijnstof en roet (EC) in de lucht lager dan het jaar ervoor. De afname kan waarschijnlijk worden toegeschreven aan de coronamaatregelen die zorgden voor minder verkeer en bedrijvigheid. De Europese normen voor stikstofdioxide en (zeer) fijnstof zijn in 2020 nergens overschreden maar Utrecht voldoet nog niet aan de nieuwe, aangescherpte advieswaarden van de WHO.

Utrechters besparen steeds vaker energie. Het aantal energiebesparende maatregelen van bewoners neemt in 2021 verder toe. Het aandeel Utrechtse daken met zonnepanelen steeg in 2021 fors naar 24% (17% in 2020). 51% van de huishoudens gebruikt in 2021 groene stroom. Minder of geen vlees eten is voor een steeds grotere groep Utrechters aan de orde. In 2017 ging het om 35% van de Utrechters, in 2021 om 46%. Zorgen voor goede isolatie in huis en bijvoorbeeld het gebruik van warmtepompen groeide eveneens in 2021 ten opzichte van de laatste meting in 2019. Aan de andere kant zien we dat één op de tien woningbezitters nog nooit heeft gehoord van aardgasvrij. Bijna vier op de tien mensen met een koopwoning kennen het begrip ‘aardgasvrij’ maar zijn er verder niet mee bezig. Twee jaar geleden was dit nog de helft van de huizenbezitters.

In de jaren 2020 en 2021 haalde de gemeente meer huishoudelijk afval op dan in 2019, iets dat kan worden toegeschreven aan de gevolgen van coronamaatregelen: men consumeerde meer in huis, bestelde meer online en ruimde veel op. Ook steeg het aantal bezoekers aan afvalscheidingsstations in deze jaren. In het najaar van 2021 zijn inmiddels de meeste Utrechtse wijken overgegaan op het na scheiden van plastic afval. Eind 2021 kent Utrecht 7.000 vrijwillige afvalinzamelaars, zij ruimen zwerfafval op in de openbare ruimte. De gemeente voorziet hen van afvalknijper en afvalzakken. De waardering van Utrechters voor de inzameling van afval ligt in 2021 met een rapportcijfer 6,6 iets hoger dan in 2019 (rapportcijfer 6,5).

Het aandeel Utrechters dat vaak overlast van lawaai ervaart stijgt (van 35% in 2019 naar 38% in 2021). Het gaat zowel om verkeerslawaai, lawaai van bedrijven als overig lawaai. De ervaren stankoverlast bleef vorig jaar gelijk aan 2019 (16%), hoewel het aantal bewonersmeldingen houtrook in 2021 is toegenomen. Het aandeel inwoners dat vaak last heeft van luchtvervuiling nam af van 18% (2019) naar 15% (2021).

Mobiliteit

Het particuliere autobezit groeit momenteel relatief harder dan het aantal inwoners in de stad. Met een totaal van ruim 108.000 particuliere personenauto’s heeft Utrecht in 2021 302 auto’s per 1.000 inwoners. In eerdere jaren lag dit cijfer op 295. In andere grote steden zien we overigens eenzelfde ontwikkeling. Van de vier grootste steden heeft Utrecht relatief gezien de meeste (deels) elektrische personenauto’s (26 auto's per 1.000 inwoners in 2021). In 2020 lag dit cijfer nog op 20 per 1.000 inwoners. Een op de drie inwoners vindt het aantal auto parkeerplekken in de buurt van hun woning te weinig, een op de twaalf vindt dat er te veel plekken zijn.

Het aantal (semi-)publieke oplaadpunten voor elektrische personenauto’s groeide vorig jaar hard (met 50% ten opzichte van een jaar eerder). In de gemeente Utrecht zijn inmiddels 8,7 laadpalen per 1.000 inwoners. Dat is iets hoger dan in de overige G4-gemeenten.
94% van de Utrechtse inwoners beschikt over één of meer fietsen. We zien een lichte toename van inwoners die vaak last hebben van geparkeerde fietsen in de buurt op de stoep. In 2019 ging het om 19%, in 2021 om 22%. Het percentage inwoners dat tevreden is over de bereikbaarheid van de binnenstad met de fiets, bleef in 2021 stabiel ten opzichte van eerdere jaren (87%). Het aantal aangiften van diefstal van niet-elektrische fietsen halveerde bijna in 2021 ten opzichte van 2020. Het aantal aangiften van diefstal van elektrische fietsen steeg echter sterk (+73%).

Acht op de tien Utrechters (83%) is tevreden over de bereikbaarheid van de eigen buurt per openbaar vervoer. De last die wordt ervaren door een beperkte toegankelijkheid van bus- en tramhaltes in de buurt is in Utrecht al jaren stabiel (4%). In Oost (5%) wordt de meeste last ervaren, in Zuid het minste (2%).